21 december 2012

 

Er was in  2012 heel wat te doen rond het Koninklijk Besluit dat de modernisering van bestaande liften oplegt. In de zomer van 2012 werd er een ontwerptekst van Koninklijk Besluit opgesteld door de minister bevoegd voor de bescherming van de veiligheid van de consumenten Johan Vande Lanotte (sp.a) en van de minister van Werk Monica De Coninck (sp.a). Hiermee werd duidelijk welke richting men met de modernisering van de liften wou uitgaan. Met de publicatie in het Belgisch Staatsblad is er nu eindelijk definitieve zekerheid.

 

Een Koninklijk Besluit van 9 maart 2003 legde de modernisering van de bestaande liften op. De data waartegen alle liften moesten gemoderniseerd zijn, werden door een wijziging van het KB van 9 maart 2003 uitgesteld, deels naar 1 januari 2013 en deels naar 1 januari 2018. In het recente verleden is er grote onduidelijkheid ontstaan over het feit of de termijnen van de modernisering van de liften opnieuw zouden worden verlengd.

 

Met de publicatie van het Koninklijk Besluit van 10 december 2012 tot wijziging van het Koninklijk Besluit van 9 maart 2003 betreffende de beveiliging van liften verschenen in het Belgisch Staatsblad van 19 december 2012 is er eindelijk duidelijkheid gekomen met betrekking tot de verplichte modernisering van de liften.

 

In het KB wordt de termijn van de modernisering van een lift overeenkomstig de veiligheidsaspecten vastgelegd in functie van het jaar van de inbedrijfstelling van de lift. Er wordt gesteld dat het een goede zaak is om de modernisering van liften in de tijd te spreiden door eerst de gemakkelijkst te moderniseren liften aan te passen en de sector de tijd te geven om alternatieve oplossingen te ontwikkelen voor oude liften.

Datum van inbedrijfstelling

 

vanaf 1 april 1984

van 1 jan. 1958 tot 31 maart 1984

voor 1 januari 1958

>

Termijn van de modernisering

 

ten laatste 31 december 2014

ten laatste 31 december 2016

ten laatste 31 december 2022

Daarnaast wordt de fasering van moderniseringswerken afgeschaft. Er wordt eenzelfde datum bepaald voor het geheel van de veiligheidsmaatregelen, of het nu gaat om een elektronisch veiligheidsgordijn en de positieve vergrendeling of andere maatregelen. Aan de technische inhoud van de veiligheidsmaatregelen zelf wordt niets gewijzigd. De risicoanalyse van de liften zal voortaan uiterlijk om de vijftien jaar moeten worden uitgevoerd in plaats van om de tien jaar.

 

Bijkomende informatie:

 

Hieronder het KB van 10 december 2012 tot wijziging van het Koninklijk Besluit van 9 maart 2003 betreffende de beveiliging van liften verschenen in het Belgisch Staatsblad van 19 december 2012.

 

--------------------------------

FEDERALE OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE

10 DECEMBER 2012. - Koninklijk Besluit tot wijziging van het Koninklijk Besluit van 9 maart 2003 betreffende de beveiliging van liften

 

ALBERT II, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 9 februari 1994 betreffende de veiligheid van producten en diensten, artikel 4, § 1, vervangen bij de wet van 18 december 2002;

Gelet op de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, artikel 4, § 1, gewijzigd bij de wetten van 7 april 1999 en 10 januari 2007;

Gelet op het koninklijk besluit van 9 maart 2003 betreffende de beveiliging van liften;

Gelet op het advies de Commissie voor de Veiligheid van de Consumenten, gegeven op 26 maart 2012;

Gelet op het advies nr. 166 van de Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het werk, gegeven op 22 juni 2012;

Gelet op advies 51722/1/V van de Raad van State, gegeven op 2 augustus 2012, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Gelet op de mededeling aan de Europese Commissie, op 4 september 2012, met toepassing van artikel 8, lid 1, van richtlijn 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij;

Overwegende dat de meest gebruikte methode voor risicoanalyse niet altijd geschikt is om de verschillende technische mogelijkheden met het oog op de beveiliging van liften naar waarde te schatten;

Overwegende dat er daardoor vaak voor standaardoplossingen wordt gekozen;

Overwegende dat de financiële last van de modernisatie proportioneel moet zijn met het risico;

Overwegende dat het nodig is om begeleidende maatregelen uit te werken met het oog op een betere toepassing van de reglementering;

Overwegende dat deze oefening tijd vraagt voor de oudste liften;

Overwegende dat het aangewezen is om alle aanpassingen van een lift in één keer uit te voeren;

Overwegende dat het aangewezen is om de modernisatie van de liften in de tijd de spreiden door eerst de liften te moderniseren die het gemaakkelijkst te moderniseren zijn en de sector de tijd te geven om alternatieve oplossingen uit te werken voor de oude liften;

Overwegende dat door deze spreiding van de modernisatiewerken in de tijd vermeden wordt dat er een grote piek aan modernisaties binnen een te korte periode optreedt;

Overwegende dat, rekening houdend met de opmerkingen en vragen uit de sector over de correcte toepassing van de reglementering, de formulering van een aantal bepalingen dient aangepast te worden om de leesbaarheid ervan te verhogen en de correcte toepassing te garanderen;

Overwegende dat zo snel mogelijk moet vermeden worden dat mensen met een beperkte mobiliteit niet langer toegang zouden hebben tot de liften waar ze nu wel toegang hebben doordat een te strikte toepassing van de reglementering kan leiden tot het verkleinen van de liftkooi;

Op de voordracht van de Minister van Economie en Consumenten en de Minister van Werk,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 9 maart 2003 betreffende de beveiliging van liften, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

a) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt :

« 2° lift : een hijs- of hefwerktuig dat bepaalde niveaus bedient met behulp van een drager die langs starre, ten opzichte van het horizontale vlak meer dan 15 graden hellende geleiders beweegt, en dat bestemd is voor vervoer van :

a) personen;

b) personen en goederen;

c) alleen goederen indien de drager toegankelijk is, dat wil zeggen een persoon het zonder probleem kan betreden, en uitgerust is met bedieningsapparatuur in de drager of binnen het bereik van een persoon in de drager.

Hijs- en hefwerktuigen die een vaste baan volgen zelfs indien deze niet langs starre geleiders bewegen, worden beschouwd als liften die onder het toepassingsgebied van dit besluit vallen. »;

b) in de bepaling onder 4° wordt het woord « (2000) » opgeheven;

c) in de Franstalige tekst wordt de bepaling onder 5° vervangen als volgt :

« 5° SECT : service qui est reconnu comme service externe pour les contrôles techniques des ascenseurs sur le lieu de travail, en application de l'arrêté royal du 29 avril 1999 concernant l'agrément de services externes pour les contrôles techniques sur le lieu de travail; »;

d) de bepaling onder 6° wordt aangevuld met de woorden « naar aanleiding van de risicoanalyse voorzien in artikel 4 »;

e) de bepaling onder 12° wordt vervangen als volgt :

« 12° preventief onderhoud : geheel van de geregelde operaties die nodig zijn om de goede werking van de lift en zijn onderdelen te garanderen, om de veiligheid van de gebruikers de garanderen en om voorzienbare defecten te voorkomen; »;

f) in de bepaling onder 15° worden de woorden « bescherming van de » ingevoegd tussen de woorden « minister tot wiens bevoegdheid de » en de woorden « veiligheid van de consumenten »;

g) het artikel wordt aangevuld met de bepalingen onder 16° en 17°, luidende :

« 16° drager : het deel van de lift waarop personen en/of goederen zich bevinden om naar boven of beneden gebracht te worden;

17° privélift : lift geïnstalleerd in een eengezinswoning en die gewoonlijk buiten het professioneel kader wordt gebruikt. ».

Art. 2. Artikel 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 maart 2005, wordt vervangen als volgt :

« Art. 2. Dit besluit is van toepassing op alle liften met uitzondering van :

1° bouwliften;

2° kabelinstallaties, met inbegrip van kadelsporen;

3° liften die speciaal zijn ontworpen en gebouwd voor militaire of politiële doeleinden;

4° hijs- en hefwerktuigen van waaruit werkzaamheden verricht kunnen worden;

5° mijnliften;

6° hijs- en hefwerktuigen voor het heffen van kunstenaars tijdens een optreden;

7° hijs- en hefwerktuigen die in vervoermiddelen zijn ingebouwd;

8° hijs- en hefwerktuigen die met een machine zijn verbonden en uitsluitend bestemd zijn om de toegang tot de werkplek, inclusief onderhouds- en inspectiepunten op de machine, mogelijk te maken;

9° tandradbanen;

10° roltrappen en rolpaden;

11° trapliften;

12° liften met een snelheid die 0,15 m/s niet overschrijdt.

Dit besluit heeft geen betrekking op het in de handel brengen en het in bedrijf stellen van nieuwe liften. ».

Art. 3. In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :

1° in de eerste paragraaf, eerste lid, wordt het woord « tien » tweemaal door « vijftien » vervangen en worden de woorden « koninklijk besluit van 10 augustus 1978 tot vaststelling van de aanvullende vorming opgelegd aan de diensthoofden voor veiligheid, gezondheid en verfraaiing van de werkplaatsen en aan hun adjuncten » vervangen door de woorden « koninklijk besluit van 17 mei 2007 betreffende de vorming en de bijscholing van de preventieadviseurs van de interne en externe diensten voor preventie en bescherming op het werk »;

2° in de eerste paragraaf, eerste lid, van de Nederlandstalige tekst, worden de woorden « een tussenperiode » vervangen door het woord « tussenperiodes »;

3° in de eerste paragraaf, derde lid, wordt in de Nederlandstalige tekst, het woord « sites » vervangen door het woord « landschappen »;

4° in de eerste paragraaf, vierde lid, worden de woorden « , rekening houdend met de stand der techniek, » ingevoegd tussen de woorden « gevallen mogen » en « andere dan in bijlage I »;

5° in paragraaf 2 wordt het woord « eigenaar » vervangen door het woord « beheerder ».

Art. 4. In artikel 5 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 maart 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

1° in de eerste paragraaf, eerste lid, wordt in de Franse versie het woord « immédiat » opgeheven, wordt het woord « immédiatement » tussen de woorden « réparation est » en « requis » ingevoegd;

2° in de eerste paragraaf, tweede lid, wordt in de Franse versie het woord « importants » door « graves » vervangen en worden de woorden « qui nécessitent un entretien immédiat ou une réparation » vervangen door de woorden « pour lesquels un entretien ou une réparation est immédiatement requis »;

3° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt :

« § 2. De beheerder laat de nodige modernisaties door een modernisatiebedrijf uitvoeren binnen drie jaar na de risicoanalyse.

Het modernisatiebedrijf stelt vooraf aan de beheerder verschillende technische oplossingen voor om aan de vastgestelde risico's te verhelpen. Het modernisatiebedrijf vermeldt de prijs en de voor- en nadelen van de voorgestelde oplossingen.

Voor de liften die in bedrijf zijn gesteld vanaf 1 april 1984 worden de modernisaties uitgevoerd uiterlijk op 31 december 2014.

Voor de liften die in bedrijf zijn gesteld tussen 1 januari 1958 en 31 maart 1984 worden de modernisaties uitgevoerd uiterlijk op 31 december 2016.

Voor de liften die in bedrijf zijn gesteld voor 1 januari 1958 worden de modernisaties uitgevoerd uiterlijk op 31 december 2022. »;

4° paragraaf 3, opgeheven bij het koninklijk besluit van 17 maart 2005, wordt hersteld als volgt :

« § 3. De voorgestelde technische oplossingen bedoeld in § 2 en de technische aanpassingen mogen de toegankelijkheid van de lift voor personen met beperkte mobiliteit niet in het gedrang brengen;

5° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt :

« § 4. De beheerder laat de modernisatiewerken keuren door de EDTC die de risicoanalyse heeft uitgevoerd. Deze dienst geeft een attest van de regularisatie aan de beheerder. ».

Art. 5. Artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 maart 2005, wordt vervangen als volgt :

« Art. 6. § 1. De beheerder laat de lift onderhouden door een onderhoudsbedrijf overeenkomstig de instructies van de producent van de lift. Indien er geen onderhoudsinstructies voorhanden zijn, dient het preventief onderhoud ten minste eenmaal per jaar te gebeuren voor privéliften en ten minste twee maal per jaar voor de andere liften.

§ 2. De beheerder laat een preventieve inspectie van de lift overeenkomstig bijlage II uitvoeren door een EDTC volgens de hierna vermelde frequentie :

1° indien het preventief onderhoud van de lift gebeurt door een gecertificeerd onderhoudsbedrijf, dan wordt de lift jaarlijks onderworpen aan een preventieve inspectie, aangevuld met een halfjaarlijkse inspectie van de volgende in bijlage II opgesomde punten : 4°, e), 5°, c), 5°, e), 5°, h) en 6° ;

2° in de andere gevallen wordt de lift onderworpen aan een preventie inspectie om de drie maanden;

3° de privéliften worden onderworpen aan een jaarlijkse preventieve inspectie.

§ 3. Indien tijdens de preventieve inspectie ernstige risico's of inbreuken worden vastgesteld, stelt de EDTC de termijnen vast waarbinnen de lift in orde moet worden gebracht. ».

Art. 6. Artikel 7 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :

« Art. 7. De beheerder stelt een dossier samen dat toegankelijk moet zijn voor de belanghebbende partijen. Dit dossier bevat ten minste :

1° de verslagen van de risicoanalyses;

2° de documenten betreffende de modernisatieprogramma's en de uitvoering ervan;

3° de registraties van het verrichten van het preventief onderhoud van de laatste 10 jaar;

4° de verslagen van de preventieve inspecties van de laatste 10 jaar;

5° de gebruikshandleiding (instructie hand- en noodbediening);

6° de onderhoudsinstructies;

7° indien van toepassing : de EG-verklaring van overeenstemming. ».

Art. 7. In artikel 10 van hetzelfde besluit wordt, in de bepaling onder 4°, het woord « eigenaar » door het woord « beheerder » vervangen.

Art. 8. In artikel 11 van hetzelfde besluit wordt het woord « veiligheidsdossier » door de woorden « dossier vermeld in artikel 7 » vervangen.

Art. 9. In artikel 16 van hetzelfde besluit worden de woorden « Bescherming van de » ingevoegd tussen de woorden « de » en « Veiligheid ».

Art. 10. In Bijlage I van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 maart 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

a) in de bepaling onder 1° wordt in de Franstalige versie het woord « danger » telkens door het woord « risque » vervangen;

b) in de bepaling onder 2° worden de woorden « Volgende minimale veiligheidsmaatregelen of maatregelen die een evenwaardig veiligheidsniveau waarborgen, worden genomen voor 1 januari 2013 » vervangen door de woorden « Standaard veiligheidsmaatregelen of maatregelen die een evenwaardig veiligheidsniveau waarborgen »;

c) in de bepaling onder 2°, wordt a) vervangen als volgt :

« a) voor liften met een snelheid hoger dan 0,63 m/s : een kooideur (automatische sluiting van de deuren is niet verplicht behalve indien de specifieke gebruiksomstandigheden dit vereisen).

Voor liften met een snelheid lager of gelijk aan 0,63 m/s : een elektronisch veiligheidsgordijn of een kooideur (automatische sluiting van de deuren is niet verplicht behalve indien de specifieke gebruiksomstandigheden dit vereisen). Een kooideur is verplicht indien de schachtwand voor de kooiopening gevaarlijke oneffenheden vertoont; »;

d) in de bepaling onder 2°, b), worden de woorden « en in de schachtput » vervangen door de woorden « , in de schachtput en aan de stopplaatsen »;

e) de bepaling onder 3° wordt opgeheven.

Art. 11. In Bijlage II van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :

a) in de bepaling onder 1°, d), wordt het woord « eigenaar » door het woord « beheerder » vervangen;

b) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt :

« 2° Aanwezigheid van het volledige dossier bedoeld in artikel 7 van dit besluit. »;

c) in de bepaling onder 4°, g), wordt in de Franstalige tekst het woord « gaines » door het woord « gaine » vervangen;

d) in de bepaling onder 4°, i), worden in de Franstalige tekst de woorden « le seuil de » tussen de woorden « sous » en « la cabine » ingevoegd;

e) in de bepaling onder 5°, m), worden in de Franstalige tekst de woorden « roues et poulies » door de woorden « poulies, poulies de guidage et poulies de renvoi » vervangen;

f) in de bepaling onder 5° worden de woorden « Technisch nazicht » door het woord « Nazicht » vervangen.

Art. 12. In de Franstalige tekst worden de woorden « analyse de risque » door « analyse de risques » vervangen, meer bepaald in artikel 1, 14°, in artikel 4, § 1 (driemaal), in artikel 5, § 1 (tweemaal) en § 4, in artikel 13, in artikel 14, in bijlage I (viermaal) en in bijlage II, 2°, a), en de woorden « analyses de risque » door « analyses de risques » in artikel 7, 1°.

Art. 13. De minister bevoegd voor de bescherming van de veiligheid van de consumenten en de minister bevoegd voor werk zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 10 december 2012.

ALBERT

Van Koningswege:

De Minister van Economie en Consumenten,

J. VANDE LANOTTE

De Minister van Werk,

Mevr. M. DE CONINCK

Liften Bulcke bvba  |  Kwinte 5  |  8301 Knokke-Heist  |  tel. 050 60 84 46  |  fax 050 61 43 04  |  info@liftenbulcke.be

 

webdesign Septunus